Het standaard inleesbestand voor verstrekkingen is een CSV- of XLSX-bestand met elf kolommen, in een vaste volgorde. Hieronder staat wat IBMS in elke kolom verwacht. Voor het uploaden zelf, de keuzes daarbij en de foutmeldingen, zie Verstrekkingen inlezen.
De kolommen (A t/m L)
Kolom | Bevat | Voorbeeld | Verplicht? |
|---|---|---|---|
A | PatiëntID |
| ja |
B | Patiëntnaam |
| ja |
C | Geboortedatum |
| ja |
D | InstellingsID |
| ja |
E | LocatieID (binnen de instelling) |
| ja |
F | Z-Index nummer (8 cijfers) |
| ja |
G | Aantal stuks |
| ja |
H | Afleverdatum (dag-maand-jaar) |
| ja |
I | Aflevertijd |
| optioneel |
J | Soort verstrekking (vrije tekst) |
| optioneel |
K | Interne referentie (bv. ordernummer) |
| optioneel |
L | Verrekenwaarderegel | 15,34 | optioneel |
InstellingsID en LocatieID
Deze moeten exact overeenkomen met de ID's onder Beheer → Instellingen/locaties — zo koppelt IBMS de verstrekking aan de juiste instelling en locatie. Zie Instellingen / Locaties.
Soort verstrekking en interne referentie
De vrije velden in kolom J en L (bijvoorbeeld SPO voor spoed, of een ELV-markering) kunt u gebruiken als voorwaarde in uw rekenregels.
